#MEET Gilbert Curtessi | STEUR gebouw

Komende Rotterdam Art Week opent het STEUR Gebouw in het Merwe-Vierhavensgebied voor het eerst haar deuren voor publiek. Een  iconisch gebouw, in 1930 ontworpen door de Rotterdamse stadsarchitect Adriaan van de Steur. Destijds gebouwd als kantoor en werkplaats van één van de eerste kolencentrales in Nederland en Elektriciteitsfabriek aan de Galileistraat. Sinds 5 jaar zijn er ruim 35 ondernemers gehuisvest, werkzaam op het snijvlak van kunst, design en technologie.

Een rondgang door het pand brengt je langs de studio van Sabine Marcelis, Dion Soethoudt en Johan Viladrich. Maar ook tref je er Jack Bean catering, Check deelscooters en RanMarine, een milieutechnisch bedrijf dat onder meer robot-haaien ontwikkelde waarmee wereldwijd de wateren gereinigd en gemonitord kunnen worden. De route brengt je vervolgens naar het atelier van beeldend kunstenaars Daniel Mullen, Diana Roig en Massimo Pavan. Je voelt er de energie van de makers.
Wie de initiatiefnemers zijn en wat je er kunt verwachten? Dat lees je hier.

Carissa Ten Tije, STUDIO CTT. Fotografie: Marissa Splinter

STEUR is een initiatief van Gilbert Curtessi en Oscar Middendorp; twee ambitieuze en idealistische ondernemers met een voorliefde voor innovatie en ondernemerschap. Een gesprek met Gilbert Curtessi, een ambitieuze ideeënman, onconventioneel en energiek. Enorm trots op ‘zijn huurders’; een cluster van elkaar versterkende en multidisciplinaire makers, zoals hij zelf stelt. Hij kan niet wachten tot de STEUR-deuren geopend worden voor het Rotterdam Art Week-publiek!

Lamp (Richard Hutten) en spiegel (Sabine Marcelis) te zien in het STEUR gebouw. Fotografie: Marissa Splinter

Waar ligt jouw achtergrond?

“Ik ben afgestudeerd als milieu-geograaf maar ik had graag -net als mijn broer- de Willem de Kooning Academie gedaan. Ik heb altijd een grote voorliefde gehad voor kunst en technologie. Ik heb in Amerika gewoond om me als ondernemer bezig te houden op milieutechnisch gebied, inmiddels ben ik ruim 30 jaar woonachtig en werkzaam in Rotterdam”.

Hoe ben je op het idee gekomen om het verzamelgebouw STEUR te starten?

“Ik heb heel uiteenlopende dingen gedaan; na mijn studie werkte ik onder meer als roadie van een techno artiest Secret Cinema, ook heb ik gewerkt als onderzoeker bij het Havenbedrijf Rotterdam. Ik heb een faillissement doorgemaakt (Happy Shrimp, met restwarmte werden garnalen gekweekt op de Rotterdamse Maasvlakte, red.) en prijzen gewonnen (Sustainability Award, door kunstmest winning uit de afvalstromen van palmolie plantages in Maleisië, red.).
Zo’n 2 jaar geleden kreeg ik de kans om samen met investeerder en compagnon Oscar Middendorp het verzamelgebouw STEUR op te zetten. Hier komt mijn liefde voor kunst, technologie en ondernemerschap allemaal samen en dat is geweldig!”

Wie of wat inspireert jou?

“Als eerste persoon komt bij me op: Joop van Caldenborgh (industrieel en kunstverzamelaar, tevens oprichter/eigenaar van het in 2016 geopende Museum Voorlinden in Wassenaar, red.). Ik heb een aantal coaching-sessies bij hem mogen doen en dat was waanzinnig inspirerend. Het is toch ook fantastisch wat deze man voor de kunstwereld betekent?!”

Fotografie: Marissa Splinter

Wat kunnen we tijdens Rotterdam Art Week verwachten in het STEUR gebouw?

“Een unieke wandelroute door het pand, volledig corona-proof uitgezet. Bezoekers die de route lopen stappen een levend (en werkend) museum binnen en ervaren live hoe technologie, ondernemerschap, kunst en design samensmelten. Aan de hand van installaties, verrassende interventies en creatieve checkpoints toont STEUR hoe de bedrijvigheid van vandaag de kunst van morgen is”.

Top 3 Must-See tips tijdens Rotterdam Art Week?

1. Een installatie van Brian Elstak (werkt samen met o.a. Adidas, The Black Archives en War Child) in de ruimte van fotostudio Premium Inc.
2. Live werk van gastkunstenaar Jeroen Koolhaas, tevens bekend van Favela Paiting, maakt werk i.s.m. Sotiris de Wit van STRS
3. Archief verkoop van Studio Sabine Marcelis.
Maar ik ben ook trots dat de installaties van Morph.love collective en het werk van Gyz La Rivière & Carlijn Petermeijer getoond wordt, naast het werk van vele andere makers. Het is met name het multidisciplinaire karakter van STEUR dat zo uniek is!”

WasteSharks. Fotografie: Marissa Splinter

Waar liggen de ambities voor het STEUR gebouw?

“Die zijn heel uiteenlopend maar de basis ligt in het verder ontwikkelen van een inspirerende omgeving waar designers, makers en kopers elkaar ontmoeten. We hebben ook het plan om een sociëteit op te richten, CBC Steur, waar professionals uit de maakindustrie kunnen samenkomen.
Maar ook de renovatie van het monumentale deel van het STEUR gebouw staat op de wishlist en het uitbreiden van de ruimtes in het gebouw en het bouwen van nieuwe gebouwen.
Voor het eerst zijn we partner in de Rotterdam Art Week; voor ons de start van een nieuwe fase waarin we de uiteenlopende ambities kunnen gaan waarmaken!”

Naamswijziging Witte de With is een feit

Kunstinstituut Melly is met ingang van 27 januari 2021 de nieuwe naam van het instituut dat voorheen bekend stond als Witte de With Centrum voor Hedendaagse Kunst. Wat er aan voorafging.

De presentatie-instelling, opgericht in 1990 is gevestigd aan de Witte de Withstraat. Op 14 juni 2017 publiceerde een groep culturele professionals, kunstenaars en activisten een Open brief aan Witte de With. In deze brief werd het instituut erop aangesproken dat zij zich bezighielden met een kunstproject over dekolonisatie zonder, in eerste instantie, stil te staan bij de naamgever van het instituut. Deze naam is afgeleid van de straat waarin het instituut gevestigd is, die op haar beurt vernoemd is naar een zeventiende-eeuwse Nederlandse vlootvoogd van de VOC en de WIC: Witte Corneliszoon de With. De Open brief maakte diepe indruk op het instituut en leidde niet alleen tot een doorbraak in een doorlopend debat over het proces van dekolonisatie in Nederland, maar de kritiek maakte het centrum ook bewust van de noodzaak om het werk over de vraagstukken rondom representatie te versterken. In het licht van deze prangende kwestie kondigden ze op 7 september 2017 het voornemen aan om de naam te veranderen. Op 27 juni 2020 werd de dertig jaar oude naam ‘Witte de With Centrum voor Hedendaagse Kunst’ ingetrokken.

Antiracismeprotest waarbij de gevel van de kunstinstelling in de Witte de Withstraat werd beklad met verf. Leden van het ‘Helden van Nooit-kunstcollectief’ voerden de actie ’s nachts uit, juni 2020. In een verklaring zeggen de activisten dat ze “onterechte helden in de juiste context willen plaatsen”. Bron: Noordhollands Dagblad. Beeld: EPA / ROBINUTRECHT

Naam verwijst naar het afleggen van verantwoording, kwetsbaarheid en reactievermogen

Directeur Sofía Hernández Chong Cuy stelt dat: ‘de naamsverandering van het instituut een antwoord is op een bredere tendens van dekolonisatie; de nieuwe naam kan dit moment op geen enkele manier negeren. In die zin is ons doorlopende project Melly symbool komen te staan voor een werkwijze die steunt op publieke betrokkenheid, diepgaand luisteren en collectief leren. Het is een naam die verwijst naar het afleggen van verantwoording, kwetsbaarheid en reactievermogen, en die verzekert dat we ons blijven ontwikkelen tot een steeds meer gastvrije en onverschrokken culturele instelling.’

Melly , vrouwelijke ‘anti-held’

De naam ‘Melly’ verwijst oorspronkelijk naar het permanent aan de gevel geïnstalleerde kunstwerk ‘Melly Shum Hates Her Job’ (1990) van de Canadese kunstenaar Ken Lum. Dit kunstwerk heeft lokaal een iconische status verkregen en werd op breed publiek verzoek teruggeplaatst. ‘Melly’ is komen te staan voor een vrouwelijke ‘anti-held’ uit de arbeidersklasse, maar ook voor een nieuwe relatie tussen het instituut, de straat, de stad en de bijbehorende gemeenschappen.

Boijmans in de Stad – Human Power Plant | Kunst als onderdeel van de energietransitie

Nu Boijmans Van Beuningen gesloten is voor de renovatie en vernieuwing van het museum, is er tijd om projecten in de stad te ondersteunen. ‘Boijmans in de Stad’ is het social design-programma van het museum. Het wordt ingezet om sociale innovaties in de stad aan te jagen, vanuit design en kunst.

Dat gebeurt onder meer in Bospolder-Tussendijken (BoTu), een Rotterdamse volkswijk in de top vijf van de armste postcodewijken in Nederland. Deze wijk wordt de proeftuin voor de energietransitie door een nieuw warmtenet aan te leggen en alle huishoudens van het gas te halen.
Museum Boijmans Van Beuningen werkt hier met buurtbewoners, wijkwerkers, kunstenaars en beleidsmakers aan een denkbeeldig scenario van een inclusieve, energie-neutrale wijk.

Volgens de kunstenaar Melle Smets, een van de deelnemers en lid van het collectief Human Power Plant, wordt er in het plannen van de Rotterdamse energietransitie te weinig gesproken over de belangen van de bewoners en wat de transitie op levert voor mensen die minder te besteden hebben. Of anders gezegd: “een onvermijdelijke opgave als de energietransitie kan ook kansen bieden om te bouwen aan een inclusieve en weerbare stad en leefomgeving”, aldus Smets.

Buurtparticipatie
In BoTu wonen veel verschillende groepen met heel diverse achtergronden. Samen hebben deze groepen heel diverse kennis over hoe we met energie omgaan. Hoe we het maken, gebruiken en besparen. Het Human Power Plant team verzamelt deze kennis onder leiding van Beekhuizenbindt en als inspiratiebron voor een klimaat neutrale toekomst, zonder fossiele brandstoffen. Zo wonen er in BoTu veel ouderen, die al twee energietransities doorstaan hebben: de hongerwinter in WO2 en de omschakeling van kolen naar gas rond 1968. BoTu is ook altijd een migrantenwijk geweest. Dit is een internationale denktank over energietips. Bijvoorbeeld hoe kookte jouw familie in de bergen van Eritrea, Marokko, Kaapverdië of ander delen van de wereld? Het Zelfregiehuis Delfshaven organiseert ook workshops met de buurtkinderen (die volwassen zijn als de wijk energieneutraal is) om vanuit hun eigen fantasie een fossielvrij BoTu te verbeelden. Het project wordt vastgelegd door fotograaf Florian Braakman, ook inwoner van BoTu. Thamar Kemperman maakt participatietheater, Bakkerij de Eenvoud bouwt het eerste prototype voor een gemeenschappelijk vuur, Wewatt levert twee menskrachtcentrales om stroom op te wekken.

Wat is dan het toekomstscenario?  
Melle Smets: “Buurtbewoners putten energie uit lokale bronnen, zonne- en windenergie. Huishoudelijke taken worden gemeenschappelijk georganiseerd. De pleinen in de buurt zijn uitgerust met openbare keukens, kantines, badhuizen, wasruimtes en toiletten. Het energieverbruik is hierdoor enorm verlaagd en het algemeen welzijn is spectaculair toegenomen”.

De vorderingen van het scenario BoTu / HUIS VAN DE TOEKOMST zijn te volgen op: www.huisvandetoekomst.org

Nederlands Fotomuseum opent de Eregalerij van de Nederlandse fotografie

Tijdens de Rotterdam Art Week opent in het Nederlands Fotomuseum de Eregalerij van de Nederlandse fotografie.

Er worden 100 foto’s getoond en de beelden hebben stuk voor stuk iconische waarde, door hun maatschappelijke en artistieke betekenis. Samen vertellen zij het verhaal van het begin van de fotografie in Nederland tot de tegenwoordige tijd (1841-2021). De hoogtepunten, de vernieuwingen, de enorme stappen die fotografen maakten tussen de uitvinding van de foto tot aan de innovaties aan het begin van de 21ste eeuw. Speciaal voor de Eregalerij is een extra zaal van 2.000 m2 toegevoegd aan het museum. Bij elke foto wordt informatie gegeven over de achtergrond en de reden waarom juist déze foto in de Eregalerij is opgenomen en wat het beeld zo bijzonder maakt.

Welke foto’s en fotografen precies een plek zullen krijgen in de Eregalerij van de Nederlandse Fotografie wordt bij opening in januari 2021 bekend gemaakt. Dat lees je vanzelfsprekend eind januari, in een volgend artikel hier op de website.

Birgit Donker, directeur Nederlands Fotomuseum:

‘De Eregalerij van de Nederlandse fotografie is een lofzang op de fotografie in Nederland en op de vele fotografen, die door hun innovatief inzicht dit medium hebben gemaakt tot wat ze nu is. Fotografie heeft een ingrijpende ontwikkeling doorgemaakt in techniek en in maatschappelijke functie. De foto’s vertellen even zo veel verhalen, laten zien dat er vele verschillende perspectieven zijn. Ik ben ervan overtuigd dat het publiek deze iconische beelden in het hart sluit. Hiermee verstevigt het Nederlands Fotomuseum zijn betekenis als een nationaal museum, met internationale uitstraling, maar ook stevig verankerd in Rotterdam’.

Birgit Donker. Fotografie: Vincent Mentzel

Enorme fotografie-ontwikkelingen; van daguerreotypieën tot digitaal
De foto’s in de Eregalerij zijn afkomstig uit verschillende verzamelingen: allereerst uit de rijke collectie van het Nederlands Fotomuseum zelf, maar er zijn ook belangrijke bruiklenen uit onder meer het Rijksmuseum, Museum Boijmans van Beuningen, Amsterdam Museum, Stadsarchief Amsterdam en vele privécollecties van fotografen of hun nazaten. De galerij begint met de vroegste voorbeelden van foto’s, de zogenoemde daguerreotypieën, en toont werk van tientallen fotografen die grenzen opzochten en overgingen, via de zwart-wit- naar de kleurenfotografie, tot het digitale tijdperk. 

Opdracht
De keuze voor de foto’s in de Eregalerij werd gemaakt door een commissie bestaande uit: Frits Gierstberg, curator Nederlands Fotomuseum (voorzitter), Khalid Amakran, fotograaf, Mattie Boom, conservator fotografie Rijksmuseum, Loes van Harrevelt, curator Collecties Nederlands Fotomuseum, Kevin Osepa, fotograaf, Secretaris: Guinevere Ras, junior curator en specialist meerstemmigheid.

De opdracht aan de commissie werd gegeven door Birgit Donker, directeur van het Nederlands Fotomuseum. De vraag aan de commissie was een selectie te maken van foto’s die gezamenlijk een overzicht bieden van de Nederlandse fotografie tussen 1841 en 2021. De commissie baseerde haar keuze op de criteria artistieke en maatschappelijke relevantie, vernieuwing en meerstemmigheid.

Selectie uit vele duizenden foto’s
Speciaal gaat het om foto’s die betekenisvol zijn of zijn geweest voor de ontwikkeling van de Nederlandse fotografie. Tevens was de vraag aan de commissie om een overzicht te maken dat toegankelijk is voor een breed publiek maar ook verrassend is voor de kenners, dat chronologisch zoveel mogelijk gelijkmatig verdeeld is, dat inclusief is en meerstemmig en hoofdzakelijk -maar niet exclusief- afkomstig is uit de collectie van het Nederlands Fotomuseum. Gedurende enkele maanden kwam de commissie vijf keer bijeen om uit vele duizenden foto’s de selectie te maken.

99 + 1
De Eregalerij bestaat uit 100 iconische werken, maar zal één lege lijst bevatten. Die plek staat symbool voor de foto die – bewust of onbewust – niet is gekozen óf niet is opgemerkt, dan wel niet bekend was of (nog) niet werd gewaardeerd. Het publiek mag deze ‘onbekende foto’ zelf invullen en de Eregalerij nodigt op deze manier uit tot discussie. Vanuit de ‘onbekende foto’ ontwikkelt het Nederlands Fotomuseum bovendien een programma met lezingen en debatten over ‘witte vlekken’ in de fotogeschiedenis, nieuwe perspectieven en meerstemmigheid.

Depot Boijmans Van Beuningen; de trots van cultureel Rotterdam

Nog niet te bezoeken tijdens de komende Rotterdam Art Week; het Depot opent in het najaar van 2021 pas haar deuren voor het publiek. Wel lees je hier alvast de ins & outs, feiten en achtergronden.

Depot Boijmans Van Beuningen is het eerste depot ter wereld dat toegang biedt tot een complete collectie. De dynamiek van het depot is een andere dan die van het museum: hier worden geen tentoonstellingen gemaakt, maar kun je – zelfstandig of met een gids – grasduinen tussen 151.000 kunstwerken. Ook kun je meekijken met bijvoorbeeld conservering en restauratie.
Objecten staan ingepakt, hangen aan een stellage of zijn uitgestald in een kast of tentoongesteld in een van de dertien gigantische glazen zwevende vitrines in het atrium. Prenten, tekeningen en foto’s worden afgesloten bewaard. Bezoekers kunnen aanvragen indienen om werken uit deze collecties te bekijken. De film- en videocollectie kan worden geraadpleegd in speciale kijkcabines. 

Restaurant en dakbos op 35 meter hoogte
In het depot, ontworpen door Winy Maas, mede oprichter van architectenbureau MVRDV, krijg je niet alleen een kijkje achter de schermen van een museum. Naast de verschillende ruimtes voor opslag en verzorging heeft het depot op 35 meter hoogte een restaurant en een dakbos, dat recent is bekroond met een Rooftop Award.

Duurzaam depot
In het depot worden werken bewaard en getoond op basis van hun klimatologische eisen, in plaats van op basis van kunststroming of tijdperk. Er zijn vijf verschillende klimaatzones, passend bij verschillende materialen als metaal, plastic, papier, zwartwit- en kleurfotografie. Blikvanger van het ontwerp is het atrium met de elkaar kruisende trappen en de grote glazen vitrines met kunstwerken.
Het gebouw is zo ontwikkeld dat het de optimale condities biedt voor de kunst en toch zo efficiënt mogelijk met energie omgaat. Bij de constructie wordt zo veel mogelijk gewerkt met duurzame materialen.

Commerciële functie depot
In aanvulling op de rol als machinekamer van het museum, krijgt het depot ook een commerciële functie. Een deel van het gebouw kan worden gehuurd als opslagruimte voor kunst van privéverzamelaars, bedrijfscollecties of andere musea, die deze ruimtes op hun beurt kunnen openstellen voor het publiek.



Sjarel Ex en Ina Klaassen, directie Depot Boijmans Van Beuningen:

“Dit is een werkgebouw, waarin we onze wereldcollectie op en top verzorgen terwijl het toch open is voor het publiek. Volgend jaar is de gehele kunstcollectie van het museum sinds 1935 weer op één plek te zien. We zijn ervan overtuigd dat het toegankelijk maken van de collectie, laat zien hoeveel we erom geven en hoe goed we ervoor zorgen. Dat is iets waar de inwoners van Rotterdam trots op zullen zijn; iets dat zij met eigen ogen willen zien, want zij zijn deels eigenaar van deze enorme kunstschat.”

Nog een aantal feiten en cijfers op een rij:

• Depot: 39,5 meter hoogte. Dakterras op circa 35 meter hoogte • Diameter gebouw: onderin 40 meter, bovenin 60 meter, 15.541 vierkante meter vloeroppervlakte • Gevel: 6.609 vierkante meter glas met daarop 1664 spiegels. • 5 verschillende klimaatzones • 4 professionele restauratieateliers • BG en zes verdiepingen met kunst – op de 6e verdieping een restaurant, dakbos en uitzicht • 1.900 vierkante meter depot verhuur bestemd voor particuliere verzamelaars Depot Boijmans Van Beuningen opent in het najaar van 2021 • Openingstijden depot: dinsdag tot en met zondag: 11.00 – 18.00 uur • Openingstijden restaurant: dinsdag tot en met zondag: 11.00 uur – sluit keuken 22.00 uur


Depot Journaal 1Download
Depot Journaal 2Download
Depot Journaal 3Download
Depot Journaal 4Download


Rotterdam Art Week 2022

Naar aanleiding van de persconferentie van 14 januari is besloten om de Rotterdam Art Week te verplaatsen naar 18-22 mei. Het festival voor kunst-, design- en architectuurliefhebbers zal dan in het voorjaar met diverse beurzen, speciale openingen, tentoonstellingen in musea en kunstinstellingen, pop-up exposities en Open Ateliers het kunstklimaat in de stad weer versterken en verlevendigen.


Wij hopen eenieder van 18 t/m 22 mei te verwelkomen in Rotterdam.

Alle up-to-date informatie lees je op deze website. En voor een terugblik op de Zomereditie van de Rotterdam Art Week, afgelopen juli: klik op onderstaand linkje.

Rotterdam Art Week 2021

Rotterdam Art Week 2021

Rotterdam Art Week 2021 | 30 June – 4 July

Due to the extension of lockdown, the Rotterdam Art Week is being postponed until the summer and will now be held from 30 June to 4 July 2021. Art Rotterdam will then too be the heart of this festival dedicated to art, design and architecture enthusiasts. This summer, the city’s art climate will be strengthened and revived with special openings, exhibitions in museums and art institutions, lectures, guided tours, debates, pop-up shows and various fairs.

Depot Boijmans Van Beuningen – DE BOUW < Performance > Bouwgrond

Kijk mee naar dit bijzondere project. Het neemt je mee terug neemt naar het begin, naar toen het depot nog bouwgrond was.

Depot Boijmans Van Beuningen maakt bij veel Rotterdammers iets los. Verbazing en nieuwsgierigheid, maar ook trots en inspiratie. Rotterdamse Poëet M. schreef de tekst ‘Bouwgrond’, muzikant Winterdagen maakte de muziek en filmmaker Ruben Hamelink maakt een gelijknamige film als een visuele verrijking bij het muziekstuk. Hij werkte hierin samen met Conny Janssen Danst. Deze performance kent verschillende verschijningsmogelijkheden. De film, het muziekstuk en muziek en dans.

#ASK Anne van der Zwaag

Voor de rubriek #ASK stellen we een aantal vragen aan een boeiend persoon actief op het gebied van kunst, design & architectuur in Rotterdam. Deze week Anne van der Zwaag: curator, publicist en directeur van designbeurs OBJECT en de kunstbeurs BIG ART. Ze maakt grote tentoonstellingen voor onder meer het Fotomuseum en de Kunsthal en meer recentelijk het Zuiderzeemuseum.

Big Art, Robbert de Goede, 2019. Fotograaf: Almicheal Fraay.

Wat vind je het leukst aan het organiseren van Object? Wanneer wordt een designobject voor jou echt spannend? Waardoor word je het meest verrast?
Een van de leukste aspecten is het contact met de ontwerpers en kunstenaars, dus de makers zelf. De energie en creativiteit die van ze uitgaat is ontzettend inspirerend. Veel van de deelnemers zijn ook vrienden geworden, ik zie het als een steeds groter wordende familie. Daarnaast is het altijd weer bijzonder om te zien hoe het publiek wordt verrast. We tonen elk jaar een prikkelende mix van bekende namen en jonge talenten, werkzaam in verschillende creatieve disciplines, van meubels en mode tot lichtinstallaties en meer autonome unica. Ik denk zelf ook niet in hokjes en werk altijd multidisciplinair, het gaat mij om een bepaalde mentaliteit, die leidt dan vervolgens tot verrassende verschijningsvormen. Een kunstenaar die meubels ontwerpt, een fashion designer die interieurproducten maakt, een architect die kleding creëert, dat vind ik spannend.

Je hebt als kind op Samoa gewoond, heeft dit je kijk op kunst en design veranderd denk je?
Absoluut. Je staat al heel jong open voor allerlei soorten smaken, geuren en kleuren. Reizen stimuleert de zintuigen, zeker als het niet-Westerse culturen betreft. Ik ben altijd ontzettend onder de indruk van de mate van creativiteit en vakmanschap, de toewijding en virtuositeit die je tegenkomt maar ook de omgang met materialen. Thuis heb ik een piepklein houten krukje dat mijn ouders uit Kameroen meenamen toen we in Nederland gingen wonen. Het is nog geen twintig centimeter en er komt geen spijker aan te pas maar zo goed en mooi gemaakt dat er een olifant op kan zitten zei mijn vader altijd. Er valt over en weer veel te leren. Het Mondriaan Fonds en het Stimuleringsfonds hebben verschillende uitwisselingsprogramma die voor kunstenaars en ontwerpers maar ook curatoren heel interessant zijn. Ook met Stichting DOEN heb ik op dit gebied al eens samengewerkt en dat hoop ik in de toekomst weer te doen.

OBJECT, 2020, Alexandra Izeboud. Fotograaf: Almichael Fraay.

Je pleit voor een nauwere samenwerking tussen enerzijds de creatieven, ontwerpers, architecten en kunstenaars en anderzijds de wereld van producenten, project- en productontwikkeling. Op welke manieren denk je dat er mooie dingen kunnen ontstaan zo?
De wisselwerking tussen kunst en commercie, cultuur en bedrijfsleven is in mijn ogen cruciaal voor beide bloedgroepen. Creatieven adviseer ik vaak een tijdje in het bedrijfsleven te gaan werken zodat je in de praktijk leert over marketing, sales en business development. Andersom zijn creatieven onmisbaar als het gaat om verandering en vernieuwing binnen een bedrijf. Het is alleen de kunst om elkaar te leren verstaan en creativiteit ook echt op waarde te schatten. Hiervoor heb je intermediairs nodig, bruggenbouwers, die zich in beide werelden begeven en een dergelijke samenwerking kunnen initiëren maar ook begeleiden en/of bestendigen. Die weg is natuurlijk niet zonder hindernissen, maar gelukkig gebeurt dit steeds vaker, en met succes.

Welke designpresentatie op OBJECT mogen we niet missen en wie is jouw favoriete designer van dit moment?
Dat zijn twee onmogelijke vragen haha. Alle deelnemers die we voor OBJECT selecteren vind ik interessant, goed of vernieuwend. Leuke is dat we deze editie weer allemaal nieuwe labels en designers verwelkomen. Wild Animals doet bijvoorbeeld voor het eerst mee, net als het label Van Vrienden en het merk Kukka. Maar er zijn ook weer veel aanstormende talenten die we hebben geselecteerd voor komende editie, allemaal vorig jaar afgestudeerd dus echt vers van de pers. Voor hen is het extra belangrijk om deel te nemen want zij hebben nog nauwelijks een podium gehad. Ik kijk ook uit naar de presentatie van 13 jonge designers van de University of Applied Sciences in Trier, zij presenteren bij ons een groepsshow waar ik erg benieuwd naar ben. Een echt favoriete designer heb ik niet want ik ken zoveel goeie mensen maar het werk van Lisa Konno vind ik heel tof. Zij doet ook mee aan de thematentoonstelling Must See die ik in het Zuiderzeemuseum heb samengesteld en die hopelijk snel open mag!

Depot Boijmans Van Beuningen – DE INRICHTING < kunstenaarsportret > architect John Körmeling

De buitenkant van Depot Boijmans Van Beuningen ziet er spectaculair uit met de spiegelende façade waarin de hele stad weerspiegeld wordt. De binnenkant wordt net zo spectaculair. Bij de inrichting van het depot werkt Boijmans samen met kunstenaars John Körmeling, Marieke van Diemen en Pipilotti Rist. Die inrichting is in beeld gebracht door filmmaker Ruben Hamelink en fotograaf Aad Hoogendoorn. Hier zie je het eerste portret van kunstenaar / architect John Körmeling. Körmeling ontwerpt het entreegebied en de winkel in het depot.